Post voor mevrouw Bromley

post‘Post voor mevrouw Bromley’ is een verhaal, geschreven door de Vlaamse schrijver
Stefan Brijs, dat zich afspeelt tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914 – 1918). We maken kennis met hoofdpersonage John Patterson, zijn vader en hun associatie met de familie Bromley. Het boek vertelt ons het verhaal van twee vrienden die elk een volledig andere houding hebben tegenover de oorlog. Tevens geeft ‘Post voor mevrouw Bromley’ ons een zicht op welke rol geschreven woorden kunnen spelen in tijden van oorlog.  Een interessante benadering die ondersteund wordt door een descriptieve schrijfstijl en een uitgebreide beschrijving van gevoelens.

“In Flanders fields the poppies blow …” , het begin van John McCrae’s beroemde gedicht, klinkt me onmiddellijk in de oren als ik de cover van ‘Post voor Mevrouw Bromley’ in een eerste oogopslag bekijk. De illustratie trekt meteen mijn aandacht. Ik stel me loopgraven voor gevuld met honderden klaprozen, soldaten die vechten voor hun leven en bunkers die gebombardeerd worden. Na het lezen van het eerste hoofdstuk, mijn verwachtingen van vechtscènes op het slagveld niet  ingelost, werd het me duidelijk dat deze historische roman niet het verloop zou kennen dat ik verwachtte. ‘Post voor mevrouw Bromley’ is opgedeeld in twee delen: ‘Het Thuisfront’ en ‘Het Westfront’. Ondanks de oorlog lacht het leven John nog enigszins toe in ‘Het Thuisfront’. Hij mag namelijk zijn droom van een academische carrière waarmaken. Met het einde van ‘Het Thuisfront’ valt alles echter in duigen. Na de zelfmoord van zowel zijn vriend William als zijn vader, ontdekt John dat ook Martin Bromley is omgekomen. Die ontdekking zal een grote rol spelen tijdens het tweede deel van de roman. John meldt zich na al die klappen van verlies aan bij het leger. Op die manier vangt ‘Het Westfront’ aan.

Tot zover het structureel verloop van de roman. Wanneer ik de ruimte van de roman onder de loep neem, kan ik zeggen dat de schrijfstijl van Brijs de omgeving alleen maar eer aandoet. Het eerste deel van de roman speelt zich af in de Londense wijk Hoxton. Terwijl ik het boek aan het lezen was, kon ik me het Londen van 1914 zo voor de geest halen. Dat is te danken aan Brijs’ filmische manier van schrijven. De Duitse horlogerie, de propaganda affiches met Kitchener’s dreigende vinger, de  altijd aardedonkere Alternon Street enz. Het decor dat Brijs  aan zijn lezers beschrijft, is levensecht. Ook de ruimte aan het Westfront valt niet moeilijk voor te stellen, al is deze bij momenten een stuk luguberder omschreven. Brijs schildert bijvoorbeeld een omgeving van lijken met holle blikken, omringd door puin en vernieling.

Wat zich voor me uitstrekte had niets van een landschapsschilderij. Het was de hel van Danté, verbeeld door Gustave Doré, in het zwart en grauw van pentekeningen, want nergens was ook maar één lichte kleur te bekennen, bij niet één lichaam, terwijl er toch tientallen lagen, in de meest onwaarschijnlijke houdingen en in verschillende fasen van ontbinding.

(p. 370)

Hoewel Brijs erin slaagt om de ruimte  levensecht te doen lijken, slaagt hij daar wat betreft de personages minder in. Het verhaal wordt verteld vanuit het ik-perspectief door John Patterson. Jammer genoeg werd ik niet volledig meegesleept door de hartkwellingen van het hoofdpersonage. De reden hiervoor? Brijs legt  in ‘Post voor mevrouw Bromley’ zo goed als alle gevoelens bloot en laat weinig aan de verbeelding van de lezer over. Op zich niks mis daarmee, maar ik vind personages altijd net dat ietsje interessanter wanneer ik de fundamenten van hun karakter zelf nog wat moet ontfutselen. In ‘Het Thuisfront’ worden verschillende karaktertrekken van het hoofdpersonage geportretteerd. John is iemand die gepassioneerd is door literatuur en nood heeft aan een warme omgeving. Ook kampt hij met zijn eerste verliefdheid. Hoewel die eigenschappen een duidelijk beeld van het personage schetsen, zorgen ze niet voor een memorabel hoofdfiguur. Ik kan dus concluderen dat ik het personage van John in het begin weinig verrassend vond.

Ik was als enig kind niet eenzaam en bij momenten was ik graag alleen, zeker toen ik meer en meer ging lezen, maar soms had ik er de behoefte aan me als een jonge hond in een warm nest tegen Martin of zijn zusjes aan te schurken. Ook heb ik er altijd van gehouden dat mevrouw Bromley me knuffelde of haar lippen op mijn wang of voorhoofd drukte, tederheden die ik thuis miste.

(p. 14)

Ondanks het feit dat ik John in ‘Het Thuisfront’ een bijna vlak en clichématig personage vond, begon ik hem in ‘Het Westfront’ interessanter te vinden. Vanaf het moment dat hij de dood van Martin ontdekt, is hij duidelijk in strijd met zichzelf. De vraag of hij de familie Bromley nu al dan niet moet inlichten over Martin’s dood, is voor hem duidelijk een dilemma. De scrupules waar John in ‘Het Westfront’ mee worstelt, maken van hem een steeds geloofwaardiger en boeiender hoofdpersonage. Het moment waarop John beseft dat hij al die tijd zijn gevoelens onderdrukt heeft en ze nu eindelijk op de vrije loop laat, is voor mij de meest beklijvende gebeurtenis m.b.t. John’s karakterisering.

De tranen vallen op mijn handen, op het vel papier, de inkt liep uit. Ik huilde niet om Walter, al evenmin om Gladys, zelfs niet meer om Mary, ik huilde enkel om mezelf, om alles wat ik nooit had gehad en ook nooit zou krijgen. Ik had al jaren een leven van steen geleid.

(p. 443)

‘Post voor mevrouw Bromley’ is een roman die handig gebruik maakt van intertekstualiteit. In het verhaal wordt meermaals verwezen naar de boeken van Dickens, Milton en Keats. De aanwezigheid van boeken is alomtegenwoordig en aanwezig in elk aspect van het verhaal. John’s vader is een doorgewinterd boekenverzamelaar en zal zijn antieke stukken koste wat het kost beschermen tegen de oorlog. John zelf is gek op boeken lezen en zijn passie voor literatuur is de drijfveer achter zijn studies. Daarnaast leert John de ware boodschap van liefde kennen, wanneer hij de onderstreepte woorden  in Keats’ liefdesbrieven leest.  Ook leert hij de betekenis van weltschmerz door het lezen van ‘Die Leiden des jungen Werthers’. Boeken zijn een leidraad doorheen de hele roman. Daardoor doet ‘Post voor mevrouw Bromley’ mij denken aan ‘De Boekendief’ van Markus Zusak. Zoals de titel doet vermoeden spelen boeken ook in dat verhaal een belangrijke rol. Beide romans spelen zich trouwens af in een context van oorlog.

Zo traag als ik voor zijn ogen opgroeide, zo traag veranderden de muren van oud papier om me heen in wanden van leer en goud. Na een jaar of zeven had hij een eerste muur compleet – ruw geschat had hij daar zo’n zeshonderd boeken voor nodig gehad –, nog eens zeven jaar laten en bij het uitbreken van de oorlog was hij met de derde muur halfweg […]

(p. 25)

Het belang van geschreven woorden is echter dubbel in ‘Post voor mevrouw Bromley’. Zoals de titel doet vermoeden speelt ook post een grote rol in het verhaal. De vader van John is postbode en komt dus dagelijks in contact met brievenpost. Het boek vertelt ons hoe er tijdens de Grote Oorlog  o.a. gebruik werd gemaakt van brieven om de nabestaanden te verwittigen van een overlijden. Het steeds meer leveren van slecht nieuws maakt van John’s vader een personage dat gebukt gaat onder verdriet. Niet enkel zijn eigen verdriet sleept hij mee, maar ook dat van de families aan wie hij al jaren post bezorgt. De manier waarop Brijs het belang van geschreven woorden op een dubbele manier uitwerkt, is wat mij betreft een zeer geslaagd aspect van de roman. Wanneer ik naar het taalgebruik van de roman kijk, kan ik besluiten dat die bestaat uit eenvoudige zinnen en woorden. Dat maakt de roman dan weer toegankelijk voor een breed lezerspubliek.

Tot dan had ik gedacht dat de dood van een soldaat per telegram aan de nabestaanden werd meegedeeld. […] De gedachte dat mijn vader nu zulke berichten moest bezorgen bij mensen bij wie hij al jaren over de vloer kwam, deed me beseffen hoezeer ik hem had geschoffeerd. Zijn klop op de deur, waar meestal naar werd uitgekeken, zou gevreesd worden, alsof hij een soort engel des doods was die van huis naar huis trok.

(p. 164)

Ik heb al meerdere boeken gelezen die zich afspeelden tegen de achtergrond van een oorlog, maar de context van de Eerste Wereldoorlog is voor mij een nieuwigheid. Tot ik ‘Post voor mevrouw Bromley’ las, was ik enkel in aanraking gekomen met de ruimte van de Tweede Wereldoorlog. Dit boek was voor mij dus een interessante kennisaanvulling van de Grote Oorlog. Tijdens het lezen merk je dat Brijs zich voldoende geïnformeerd heeft voor het schrijven van ‘Post voor mevrouw Bromley’. Hij vernoemt meerdere historische gebeurtenissen, zoals bijvoorbeeld de verbranding van de universiteitsbibliotheek tijdens de Slag om Leuven in 1914.

In België, Leuven. De hele stad zag zwart van de papiersnippers. Eeuwenoude geschriften. Allemaal opgestookt. De kranten staan er vol van.

(p. 67)

Hoewel ‘Allemaal willen we de hemel’, een andere roman die ik onlangs las, zich afspeelt tijdens Wereldoorlog II, ontdekte ik een aantal treffende gelijkenissen tussen beide boeken. Zowel in ‘Allemaal willen we de hemel’ als in ‘Post voor mevrouw Bromley’ worden verrassende ideeën met het oorlogsthema geassocieerd. Waar Beerten de combinatie tussen muziek en oorlog als vanzelfsprekend liet lijken, gaan in ‘Post voor mevrouw Bromley’ bombarderingen en boeken hand in hand. Die bijzondere associaties zorgen voor een extra dimensie in beide verhalen. Maar dat is niet de enige gelijkenis tussen beide oorlogsromans. De thematiek rond heldenmoed is in beide een cruciaal gegeven. Net als Jef in ‘Allemaal willen we de hemel’ worstelt John enorm met zijn reputatie als lafaard. Zowel Martin als Mary, op wie John verliefd is, verwijten hem hiervan. Een derde gelijkenis is dat vriendschap een beduidend thema vormt in beide romans. Zo is John een personage dat duidelijk veel nood heeft aan vriendschap. Wanneer Martin uit zijn leven verdwijnt, klampt hij zich vast aan William Dunn, een student die Duits studeert aan de universiteit.

Half in de war bracht ik mijn hand naar mijn borst, waar zopas nog haar hand had zitten wriemelen. Ik voelde iets. Mijn blik ging naar beneden. Er zat een veer in mijn bovenste knoopsgat. Een witte veer. […]Ik keek verdwaasd op. Mary voegde zich nu weer bij hen en begon ook te roepen, nog het luidst van al: ‘Lafaard! Lafaard! John is een lafaard!’

(p. 188)

 Toen Martin Bromley mijn leven uit marcheerde, kwam William Dunn erin.

(p. 108)

‘Post voor mevrouw Bromley’ was voor mij een ontspannend boek. Ingewikkelde taal kwam er niet aan te pas en ook de personages waren niet al te gecompliceerd. Daardoor is het boek toegankelijk voor een breed lezerspubliek. De gebeurtenissen werden op een duidelijke manier verteld en de lezer moest zelf niet al te veel denkwerk verrichten. Zich laten overrompelen door de scenische beschrijvingen is het enige wat de lezer nog te doen stond. Brijs’ geslaagde omschrijvingen van de omgeving zorgen bij de lezer voor een verhoogd inlevingsvermogen en dat is zeker positief. De personages mochten voor mij echter wel wat complexer in elkaar zitten en Brijs hoefde mij heus niet een verduidelijking van elke gebeurtenis op een schoteltje aan te bieden. Zelf dingen interpreteren die zich tussen de regels afspelen, is voor mij steeds een meerwaarde bij het lezen van een boek. Ik heb ‘Post voor mevrouw Bromley’ graag gelezen, maar de roman liet geen speciale indruk op me na. Misschien ben ik nog steeds een beetje overdonderd door de lezersbeleving in Tirza, wie weet.

5 gedachten over “Post voor mevrouw Bromley”

  1. Dag Gilke,
    Ik ben het helemaal eens met jouw visie op de ruimtebeschrijving. “Een filmische manier van schrijven” is een perfecte omschrijving van wat Brijs doet, ik kan het zelf niet beter zeggen. De quote die je ter illustratie hebt bijgevoegd, is zeer goed gekozen want hij toont helemaal wat je bedoelt.
    Ook jouw mening over de personages sta ik grotendeels bij. Vooral mevrouw Bromley en Johns vader vond op sommige momenten echt te onrealistisch. Ik had echter geen probleem met het feit dat de lezer alle gedachten en gevoelens van het hoofdpersonage kent. Ik vond dat die methode nog voldoende ruimte liet om het personage op je eigen manier in te vullen.
    Je taalgebruik zorgt er voor dat dit bericht een waar leesplezier wordt! Ik kijk al uit naar de volgende recensie.
    Groetjes,
    Hanne

    Liked by 1 persoon

  2. Beste Gilke,

    Ten eerste zou ik willen zeggen dat ik je begin met de verwijzing naar John Mcrae’s gedicht zeer creatief vond. Daarnaast geef je ook een helder beeld van je eigen leeservaring door bv. je verwachtingen te vergelijken met de eigenlijke leeservaring. Ook je argumentatie inzake de voorspelbaarheid van het personage John vond ik goed uitgediept. Het onderstaande citaat geeft daarbij een duidelijk beeld met wat je bedoelt. Tenslotte zorgen je schrijfstijl en structuur voor een vlotte tekst en ook ik kijk uit naar je volgende recensie.

    vriendelijke groeten !

    Liked by 2 people

  3. Gilke, ik vind het heel mooi hoe je een verwijzing doet naar het gedicht van John Mcrae. Ik heb al je blogberichten gelezen en ik heb ook gemerkt dat je algemeen Nederlands schrijft, zonder enige tussentaal. Ook je blogbericht over het theaterstuk vond ik ‘wauw’! Je zegt dat Post voor Mevroux Bromley geen speciale indruk heeft nagelaten? Ik vroeg me af waarom?
    Knap!

    Like

    1. Dag Lore

      Bedankt om de tijd te nemen om al mijn boogberichten te lezen!
      Zoals ik in mijn blogbericht zeg, vond ik het boek niet zo bijzonder, omdat ik het personage van John niet ‘gecompliceerd’ genoeg vond. Ook vond ik dat de schrijver te weinig aan de fantasie van de lezers overliet. Ik vond het zeker geen slecht boek, maar ik heb er al betere gelezen.

      Groetjes,
      Gilke.

      Liked by 1 persoon

  4. Dag Gilke

    Met het korte citaat van John Mcrea trok je meteen mijn aandacht. Ik dacht, net als jij, dat het boek volledig in teken zou staan van oorlog voeren, zware gevechten en bombardementen voor. Dit was allesbehalve het geval in het eerste deel van het boek. We nemen een kijkje in het leven van een jongen die zich niet helemaal bewust is van wat er zich allemaal buiten Hoxton afspeelt. Naar het tweede deel toe verandert dit helemaal en krijgen we te lezen wat er zich op het slagveld afspeelt. Dan vind ik het citaat erg toepasselijk!

    Mijn mening over het boek verschilt wel wat van de jouwe las ik. Ik vond het net leuk, na het lezen van Tirza, om een makkelijkere roman te lezen en vond het thema zeker interessant en goed uitgewerkt. Zijn techniek van schrijven sprak mij erg aan omdat het me meteen een beeld gaf over de situatie daar. Wat je in je blog schrijft over de personages kan ik beamen. De omgeving werd erg goed uitgelegd, maar de personages bleven inderdaad oppervlakkig. Zeker in het tweede deel vond ik dit het geval omdat er erg veel personages aan bod kwamen.

    Erg mooi blogbericht! Je hebt je mening goed onder woorden gebracht!

    Doe zo verder, Gilke!

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s